27-10-06

Hardnekkige misverstanden ontkracht (27-10-06)

Hoe het inmiddels met mij gaat? Niet zo goed eigenlijk, dank u. Ik heb dringend behoefte aan een nieuwe 'zeurtijd'. U bent dus al gewaarschuwd voor de volgende blogbijdrage. Maar voor ik me daarop uitleef : eerst zoals beloofd het vervolg van de gebruiksaanwijzing.

 

Er bestaat een hele reeks van hardnekkige misverstanden over de omgang met kankerpatienten of andere zwaar zieken. Hoog tijd dus om die uit de weg te ruimen en klare taal te spreken. Ik nodig bij deze alle lotgenoten uit om het lijstje verder aan te vullen, zo krijgen we nog een handige gids à la ‘Omgang met kankerpatienten voor dummies’ (waarmee ik geenszins mijn misprijzen voor de omgeving wil kenbaar maken maar wel mijn waardering voor deze reeks van buitengewoon geschikte pragmatische boeken waarvan er trouwens ook enkele in mijn boekenkast prijken)

 

Hier komen ze :

-          ‘Aan een kankerpatient mag je niet vragen hoe het gaat, dat is een domme vraag want natuurlijk gaat het niet goed’ : fout.

We hebben net zo goed onze goede en minder goede dagen, alles is relatief. Je mag dus gerust vragen hoe het gaat. Je moet natuurlijk wél voorbereid zijn op een antwoord dat je liever niet krijgt, namelijk dat het niet goed gaat. That’s part of the game. Ben je ook zo iemand die bang is om te vragen hoe het gaat, uit angst te horen te krijgen dat het slecht gaat en vervolgens niet te weten wat te zeggen? Wel, dan heb ik goed nieuws : je angst is volstrekt overbodig. Er wordt namelijk op zo’n moment niet van je verwacht dat je veel zegt, luisteren volstaat meestal. Gasgevers als ‘Oh’ en ‘Amai’ en ‘Néé toch’ zijn ook vaak op hun plaats hier. (Wees daarentegen heel voorzichtig met afstoppers als ‘Ach, 't komt wel goed’ en ‘Trek het je niet aan’, zéér frustrerend soms). En desnoods kan je ook gewoon zeggen : ‘ik weet niet wat ik hier op moet zeggen…’ Dat is een perfect aanvaardbare reactie. Zo eenvoudig is het.

 

-          ‘Op bezoek gaan bij een kankerpatient is kommer en kwel, een triestige bedoening en een begrafenisstemming is aangewezen’ : fout !

We vinden het geweldig als iemand ons sappige nieuwtjes komt vertellen of de laatste roddels van op het werk, dat geeft ons het gevoel dat we nog voeling hebben met het gewone leven. Wie ons bovendien aan ’t lachen brengt, en dat kan meestal zelfs makkelijker dan voor de kanker, scoort bonuspunten. Goede kankermoppen zijn zeer gegeerd, tenminste als ze van lotgenoten komen. (Van niet-lotgenoten komende klinken ze vaak eerder wrang…oppassen dus) De waarde van humor is alleen maar toegenomen sinds de kanker. Ik mag dan al meer gehuild hebben dan ooit tevoren in mijn leven, ik denk dat ik ook al meer gelachen heb dan ooit tevoren in mijn leven. Soms heel erg groen, en zelfs vaak zwart, maar toch… We houden meer dan ooit van een vrolijke boel.

 

-          ‘Ik mag vooral niet zeuren over banaliteiten in haar bijzijn, zij heeft veel ergere katjes te geselen’ : fout.

Kom maar af met het gezeur. (Als het niet over ons is tenminste.) Het gezeur over de ergernissen van alledag geeft ons ook het gevoel dat alles nog is zoals het altijd geweest is. Bovendien helpt gezeur van anderen ons de aandacht af te leiden van onze eigen problemen en dwingt het ons van introvertie naar extrovertie, van navelstaarderij naar empathie : een beweging waarvan ik overtuigd ben dat ze onze eigen mentale gezondheid ook ten goede komt. Dat is pas een echte win-win situatie : hoe we onszelf kunnen helpen door anderen te helpen.

Aanhoudend gezeur over banale lichamelijke ongemakken daarentegen ligt nu iets moeilijker dan vroeger. Die moeten wij namelijk zelf al maandenlang elke dag opnieuw zonder morren proberen wegslikken.

 

-          ‘We gaan haar maar gerust laten en niet verleiden met uitnodigingen, ze voelt zich vast niet lekker’ : fout!!!

Ik weet niet hoe het met andere kankerpatienten zit, maar mij kan je niet vaak genoeg uitnodigen voor van alles en nog wat : een fuif, een tripje, een terrasje, een filmke, een stapje in de wereld, een museum, even naar de stad, shoppen, een etentje…. Ik SNAK er naar. Het geeft me meer dan wat ook het gevoel dat ik nog leef. En ja, ik voel me vaak niet goed, en moet dan ook heel vaak ‘nee’ zeggen tegen zo’n uitnodiging. Maar, en dit is heel belangrijk : weet dat dat niet persoonlijk bedoeld is, dat de uitnodiging op zich niettemin veel waard is, en laat je hierdoor vooral niet ontmoedigen om te blijven uitnodigen. Uitnodigingen om leuke dingen te delen behoren tot het beste wat mij nu kan overkomen!!! Een dag zonder sms-je van iemand die wil horen hoe het gaat of iemand die een leuk, krankzinnig of zelfs ridicuul voorstel heeft, is een kille dag…

 

-          ‘Ik reageer niet op de blog. Ze krijgt waarschijnlijk al massa’s reacties en de mijne is niet belangrijk.’ : fout!

Elke reactie, hoe onhandig of klunzig ze voor jezelf ook mag lijken, wordt gewaardeerd. Ik vraag me af van wie ze zijn, die 500 hits per week. Ik ken er een paar tientallen, maar geen honderden… Voor wie leg ik hier elke keer mijn ziel bloot? Wie leest er over mijn schouder mee? Ik ken ze lang niet allemaal. Natuurlijk ben ik nieuwsgierig. Stuur eens een mailtje, als je dat nog niet gedaan hebt. Er moet zelfs niks bijzonders in staan. Gewoon ‘ik lees mee’ of ‘joehoe’ of zoiets. Dat is al genoeg… Out jezelf, er kan je niets vreselijks overkomen!

 

-          ‘Ik neem geen contact op want ik wil niet de hele tijd over kanker praten’ : fout!

Wij ook niet! Geloof me, de kanker komt soms echt onze strot uit. Dat maakt het soms zelfs lastig om weer iets voor de blog te schrijven (en ook om hem te lezen, neem ik aan) : wééral over die rotkanker, pffft, ik krijg er stilaan genoeg van. U wil wel een pint gaan pakken maar dan alleen op voorwaarde dat er niet over kanker gesproken wordt, want daar krijgt u de griebelen van? It ’s a deal! Wij zijn dankbaar om wat verstrooïng. Er is heus nog leven naast kanker. Hoop ik.

 

 

13:31 Gepost door Cancer Chick | Permalink | Commentaren (10) | Tags: kanker, kankerpatient |  Facebook |

22-10-06

Gebruiksaanwijzing kankerpatiënten deel 1 (22-10-06)

Veel mensen weten niet zo goed hoe ze met een kankerpatient moeten omgaan. Want wat zeg je nu in godsnaam tegen iemand die de dood in de ogen kijkt? Het maakt dat we ons hulpeloos, stroef, ongemakkelijk voelen, en plots weten we niet meer hoe dat moet : ‘gewoon doen’. En vaak beslissen we dan maar om het contact te vermijden, in de overtuiging dat dat beter is dan potten te breken met vermeend domme opmerkingen of gewoon om dat onwennige gevoel, waar we niet graag mee geconfronteerd worden, te ontlopen. Een gebruiksaanwijzing voor de omgang met kankerpatienten lijkt me dan ook een heel geschikte tool voor elkeen die in zijn omgeving met het fenomeen te maken krijgt.

In het hoofdstuk ‘Praktisch tips voor onwennige bezoekers’ uit het recente boek van Frieda Joris ‘Ontboezemingen’ (Standaard Uitgeverij) vind ik een stuk inspiratie. Het boek is overigens een sterke aanrader voor wie geïnteresseerd is in het onderwerp 'borstkanker'. Ik haal er enkele tips uit en vul aan naar eigen goeddunken :

 

Zeg niet :

-          Niemand weet wat hem te wachten staat, ik kan morgen ook onder een auto lopen (en wij ook nog altijd, bovenop onze kanker)

-          Ik weet wat je voelt, ik begrijp wat je meemaakt (dat kan je alleen als je dit zelf hebt meegemaakt)

-          Iedereen moet vroeg of laat sterven (liefst niet op 43, toch?)

-          (als ze je in hoge nood belt) Ik kijk in mijn agenda wanneer ik eens tijd kan maken om met je te praten, maar volgende week heb ik al vanalles gepland (dit is gewoon een variant op ‘val dood’)

-          Tja, je hebt altijd teveel gerookt/gedronken/gegeten (schuldgevoel kan een patient missen als de pest; zo’n opmerking maakt de bezoeker trouwens alleen om zichzelf gerust te stellen : hij of zij zal dus nooit kanker krijgen)

-          Als ik mocht kiezen, had ik nog het liefste borstkanker (???!!)

-    Alles komt wel weer goed (als ze eindelijk de moed vindt over haar angsten te praten, veeg ze dan niet meteen van tafel met zo'n dooddoener. Laat ruimte om te praten over de hete hangijzers die iedereen beklemmen en voer op zo'n moment geen struisvogelpolitiek, anders voelt de zieke zich in de steek gelaten met haar angsten)

 

Maar zeg beter de verkeerde dingen dan niets van je te laten horen. Onhandig zijn, bang of verlegen overkomen als je bij iemand op bezoek gaat is veel minder erg dan je maatje in de steek te laten, want dat komt vaak nooit meer goed.

Pak je vriendin goed vast. Trek je jas uit, ga zitten, vraag zelf om koffie/thee te zetten en zet je gsm af. Zeker als de toestand kritiek is : vraag of zij zin heeft om te praten. Indien niet, blijf stil zitten en raak af en toe hand of arm aan. Maak zo duidelijk dat je er voor haar bent en dat de tijd niet dringt.

Maak geen opmerkingen over rommel of wasmanden met strijk… of neem de wasmand gewoon mee en breng alles gewassen en gestreken terug.

 

Wat helpt wel?

-          gewone gesprekken over gewone dingen, zoals altijd

-          onschuldige roddels, nieuwtjes uit de wereld buiten waarvan de zieke zich afgesloten voelt (het werk, de sportclub…) en die zij verschrikkelijk mist

-          het niet erg vinden als ze voor de derde keer hetzelfde verhaal vertelt over die bijwerkingen

-          verhalen van lotgenoten die de ziekte overwonnen hebben

-          doe eens iets leuks met de zieke : ga samen wandelen, naar de film, winkelen, op restaurant

-          als ze geen bezoek wil, respecteer dat, maar blijf kaartjes en e-mails sturen zodat ze weet dat je aan haar denkt

-          voel je niet persoonlijk afgewezen als een uitnodiging wordt afgeslagen of een mailtje niet wordt beantwoord, ze voelt zich waarschijnlijk gewoon even niet lekker, of ze is het vergeten met haar ‘chemo-brein’

-          geef je vriendin de mogelijkheid om over haar zorgen te praten, maar ook de mogelijkheid om erover te zwijgen. Interpreteer dat laatste niet als een gebrek aan vertrouwen. Als bezoek vorm je misschien net de ontbrekende schakel met het gewone bestaan

-   weet als de zieke je graag ziet komen, maar begrijp ook als ze liever met rust gelaten wordt. Gebruik dat laatste echter niet ten onrechte als excuus om geen contact te moeten nemen.

 

Kleine dingen die het doen (nee, dit zijn geen hints over wat nog in mijn kast ontbreekt, ikzelf ben al verwend geweest in de afgelopen maanden) :

-          vochtinbrengende crèmes voor gezicht, handen of voeten

-          geschenkbon voor een massage

-          een zijden onderhemdje : heerlijk zacht als de bestralingen op het einde brandwonden vertonen

-    bedsokjes

-    een waaier : doeltreffender dan airco bij opvliegers

-          vrolijke verhalen

-          alles wat helpt om je weer koket te voelen : lichaamsverzorgingsproducten, fantasiejuwelen, een sjaal, een behandeling bij de schoonheidsspecialiste, een bon voor een verwendag in één of ander kuuroord (waar je met badpak binnen mag, en dus niet naakt moet, kwestie van de andere gasten niet te shockeren…)

 

Volgende aflevering deel 2 van de gebruiksaanwijzing : ‘Hardnekkige misverstanden ontkracht’

19:19 Gepost door Cancer Chick | Permalink | Commentaren (9) | Tags: kanker, borstkanker, ontboezemingen |  Facebook |

19-10-06

Venijn in de staart (19-10-06)

Het venijn zit echt wel in de staart bij mijn chemokuur. Mijn toestand betert maar schoorvoetend. Er is al heel wat vocht afgekomen, dankzij enkele ‘shock’behandelingen met plaspillen, maar er blijft nog veel hangen. ’t Is een vicieuze cirkel waar ik moet uit geraken, en dat blijkt niet zo simpel te zijn. Doordat ik niet goed kan plassen geraakt het gif niet uit mijn lichaam. Doordat het gif in mijn lichaam blijft betert het plassen niet goed. Dus kan het gif niet naar buiten. Dus kan ik niet beter plassen. Dus… zo blijven we bezig.

En ja, het begint behoorlijk op mijn systeem te werken. Het gevecht tegen kanker is een loodzware beproeving, niet voor mietjes.

Het lijkt wel alsof er een klein manneke op mijn schouder meekijkt die, telkens het wat beter gaat, de bankschroef van de weerbaarheid wat verder komt aandraaien. Zo van : ‘Ah, wij kunnen nog grappig zijn? Aha wij kunnen nog positief denken? Wàcht maar!’ En vervolgens geeft ie met een vuile grijns nog een flinke draai aan de bankschroef. ‘Zo zie, zien we jou nu nog lachen? Anders geven we nog een draaike bij hoor!’ Nee néé, genade, ik breek al, ik breek al…

Vroeg of laat moét je gewoon breken, de ellende stopt niet, er is geen plaats voor genade, ’t is keihard. Maar hoe vaak je ook op je bek gaat, er zit maar één ding op, en dat is terug rechtkrabbelen, elke keer opnieuw. En ik kan je verzekeren dat dat niet altijd evident is met dat manneke dat zit mee te loeren en er plezier in vindt elke keer opnieuw een tandje bij te steken. Willen of niet, ik moet toegeven dat ik ongerust ben. Alle basisfuncties van mijn lichaam zijn compleet verstoord (eten, slapen, denken…) en de kwaliteit van mijn leven is op dit moment abominabel slecht. Ik kan me dus moeilijk voorstellen dat ik ooit nog enig niveau van betekenis zal halen op de piramide van Maslow… Wat was ook alweer het hoogste niveau? Zelfverwezenlijking? Hu? Wat is dat voor een beest? Blij zijn met pipi en kaka en dodo, verder geraak ik niet deze dagen.

 

Toen we enkele maanden geleden in Bretagne waren kocht ik een symbolisch beeldje. ’t Is een figuur uit ‘Conan the Barbarian’, Svadun heet ze. We vonden haar in een winkeltje in Dinan. Ik zie haar zo’n beetje als mijn schaduw, ze verpersoonlijkt het gevecht dat ik lever tegen kanker. Ze staat hier naast mij op m’n buro. Agressief te wezen. En ze laat niet af, hoor, niks kan haar afschrikken. Ze is geweldig. Was ik ook maar altijd zo in mijn gevecht… Als ’t wat moeilijker gaat, kijk ik haar aan. In de hoop dat ze me inspireert, en ik ook onverschrokken word, zoals zij.

Ach, waar een gekweld mens zich al niet aan probeert op te trekken… een stom postuurke… en ze heeft nog twee borsten ook... en van die vlechtjes kan ik op dit moment ook alleen maar dromen...

 

media

 

 

 

18:20 Gepost door Cancer Chick | Permalink | Commentaren (3) | Tags: chemotherapie, taxotere |  Facebook |

16-10-06

Plasplezier (16-10-06)

Nooit gedacht dat er ooit een dag zou komen in mijn leven dat ik me de koning te rijk zou voelen om de poepsimpele reden dat ik pipi kan doen.

Ik herinner me slechts vaag uit een heel ver verleden dat er ooit nog eens een periode in mijn leven geweest is dat ik ontzettend trots was als ik ‘pipi’ gedaan had… ‘Kijk, mama!’

Word ik nu helemaal terug kinds?

Maar nee, het is ook echt geweldig om terug te kunnen plassen. Zeker na meer dan een week alleen maar wat druppeltjes eruit te kunnen persen, en mezelf bij elk glas water dat ik dronk af te vragen waar dié 25cl nog een plaatsje in mijn zwaar beproefde lijf zouden vinden om te blijven hangen. (‘Kom, mannen vochtmoleculen, ik heb nog een plaatske gevonden in haar tenen!’ - waarna die er op slag ook als Zwanworstjes gingen uitzien). Het lichaam als recipiënt onderhevig aan de wet van de verbonden vaten. En of ik het gevoeld heb.

Mijn lichaam was bijzonder spannend, afgelopen week. In letterlijke zin dan toch, en ik heb heimwee naar de tijd dat dat alleen in figuurlijke zin zo was.

 

Maar goed, nu we terug kunnen plassen hoop ik dat toch eindelijk écht het ergste voorbij is – ik durf het bijna niet meer zeggen want morgen komt misschien weer een andere nare verrassing – en dat we stilaan terug kunnen gaan opbouwen. Nu we terug kunnen plassen kan het vergif ook weer een weg naar buiten vinden.

Ik zit in ieder geval vol goede voornemens van wat ik allemaal ga doen zodra ik terug te been ben, zoals dat dan gaat als je lang verplicht immobiel was : in mijn stoutste dromen zal mijn huis er op een week tijd helemaal spic & span uitzien. Mezelf kennende zal het wel bij dromen blijven en zal ik ongetwijfeld als het zover is boeiendere dingen vinden om mijn tijd te vullen. Dingen waarvan ik mezelf dan graag voorhoud dat ze zoveel zinvoller en belangrijker zijn dan poetsen. De perfecte huisvrouw : ik ben het nooit geweest en ik zal het allicht ook nooit zijn, vrees ik, alle goede voornemens ten spijt.

Who cares? Ik kan pipi doen, dat is wat telt nu.

 

10:01 Gepost door Cancer Chick | Permalink | Commentaren (4) | Tags: chemotherapie, taxotere |  Facebook |

13-10-06

Ras le bol (13-10-06)

Ja, ik vind het zelf absoluut schandalig, niet gepermitteerd en ongehoord dat ik bijna drie weken na de laatste chemo nog een onheilstijding moet brengen.

Ik heb nog niet veel plezier beleefd aan het einde van de chemo. Ik voel me miserabel, slecht. De Taxus blijft me kwellen. Ik kan niet vooruit. Alles doet pijn. Mijn armen, mijn benen, mijn hals, alles staat keihard gezwollen van het vocht. Onderaan mijn benen hangen twee boterklonten die voeten moeten voorstellen. Ik word er gek van. Michelin-madammeke ten voeten uit. De plaspillen helpen niet. Dat is normaal, naar 't schijnt, want 'het is als dweilen met de kraan open'. Zolang mijn capillairen blijven openstaan door het vergif is er geen kruid tegen gewassen. Het zou vanzelf moeten overgaan. Maar wanneer, in godsnaam, wanneer??!!! Dit duurt nu al meer dan een week.

Ik kan niks meer. Ik kan amper nog stappen. En het wil maar niet beteren. Integendeel, het lijkt alsof het nog elke dag erger wordt. Ik kan er zelfs niet meer grappig over doen. Het is triestig. En pijnlijk. En afschuwelijk lelijk.

En ik heb er genoeg van.

J'en ai marre.

J'en ai assez.

J'en ai ras le bol.

GENOEG!

12:59 Gepost door Cancer Chick | Permalink | Commentaren (4) | Tags: chemotherapie, taxotere |  Facebook |

09-10-06

Strandpredikant (9-10-06)

Het was begin vorige week. Ik was enkele dagen naar zee gegaan om uit te waaien. Had de hond meegenomen, weliswaar vanuit een totaal verkeerd ‘gezond’ referentiekader : ‘dan kunnen we samen lekker lange wandelingen maken’. Terwijl de harde waarheid was dat ik na amper 5 stappen door het mulle zand al moest rusten en met open mond zuurstof in mijn naar adem snakkende longen trekken… Even verkeerd ingeschat. Ik zit nu namelijk wel op  het absolute hoogtepunt – of moet ik zeggen dieptepunt – van de fysieke aftakeling. Dus had ik mezelf gewoon met mijn achterwerk in het zand geparkeerd, net boven de vloedlijn. De hond moest zich behelpen met een doe-het-zelf-wandeling : rondjes lopen en af en aan rennen naar passerende soortgenoten.

Het zonnetje scheen en de wind blies – nee, niet door m’n haren – langs mijn oren. Het was er zalig en ik genoot.

 

Ik had haar al zien lopen langs het water : een jonge vrouw, haar lange zwarte haren en haar armen wapperend in de wind. Ze had haar schoenen in haar hand. Haar jeans was nat tot op haar knieën. Ik dacht nog : dat is zeldzaam, een volwassen vrouw die het kind in zich laat bovenkomen en gewoon de golven in loopt zonder haar broekspijpen op te rollen. Ze had een lichtblauwe overjaarse flower-power outfit aan, met zo’n heel lange dikke zelfgebreide sjaal om haar hals. Een mengeling van ontwapenende Lolita en geitewollensokken-stijl.

Ze slenterde voorbij… en weer terug… en stapte dan plots op me toe.

‘Ik moet je even zeggen dat God je liefheeft’ zei ze.

Ik stond perplex en keek haar aan als een koe op een berg saffraan.

‘Je zal je ongetwijfeld afvragen : wat is dat nu, stapt hier iemand zomaar op me toe om me dat te zeggen, maar iets in me zei dat ik dat gewoon effe moést doen’.

Veel meer dan ‘Ah ja?’ kon ik niet uitbrengen.

 

In gewone doen ben ik heel snel om zo iemand wandelen te sturen, duidelijk te maken dat het me niet interesseert, desnoods met een sneer. Maar haar verrassingsaanval was compleet en vooraleer ik het goed en wel besefte had ik ja geknikt toen ze vroeg of ze bij me mocht komen zitten. Ze begon honderduit te praten, over Liefde met grote L en over God, en hoe God ons nooit in de steek laat. En dat ie ook voor mij zal zorgen en me zal genezen. Ze ratelde maar door, vol enthousiasme, en bleef maar in alle mogelijke varianten herhalen dat Hij van me houdt en voor me zal zorgen, zoals Hij dat voor haar had gedaan. Ze vroeg of ze voor me mocht bidden, daar op het strand. Ik keek schichtig om me heen en dacht bij mezelf : baat het niet dan schaadt het niet, bid jij maar eens lekker voor me. Ik verwachtte elk moment dat ze boekjes uit haar achterzak tevoorschijn zou toveren, genre ‘Wachttoren’, of één of ander overschrijvingsformulier of collectebus.  Ik zette me dus schrap om haar weg te jagen. Maar nee, er kwam verder niks. Ik heb het me laten welgevallen. Na een half uur moest ze er vandoor. Haar parkeermeter was verlopen. Daar zorgde God blijkbaar niet voor.

Ze vroeg nog of ze me mocht knuffelen als afscheid. En weg was ze. En liet mij achter met een opgelaten gevoel, besluiteloos tussen ontroering en lacherigheid.

 

Ik heb die middag toch maar mijn pruik opgezet in plaats van mijn niets verhullende sjaaltje. Had even genoeg van lieve dames die persé een kankerpatient willen knuffelen.

10:00 Gepost door Cancer Chick | Permalink | Commentaren (3) | Tags: kanker |  Facebook |

05-10-06

Laatste loodjes (05-10-06)

Het is waar wat ze vertellen over de laatste loodjes. Ze wegen echt door.

Vorig weekend heb ik grotendeels in de zetel doorgebracht. Geen cent waard. Elke avond liep mijn temperatuur bovendien op tot rond de 38°C, maar ik had geen zin om terug naar het ziekenhuis te gaan, want daar stoppen ze me dan uit voorzorg weer vol met een olifantendosis antibiotica. Witte bloedcellen heb ik de laatste tijd, dankzij de Neulasta, toch meer dan genoeg – we spreken tegenwoordig in termen van 10-duizenden in plaats van de 10-tallen van enkele maanden geleden – dus daar ben ik gerust in. ’s Morgens was mijn temperatuur telkens terug gezakt, ik denk dat het mijn thermostaat was die gewoon tilt sloeg.

Ik ben erg kortademig, geraak voor het eerst sinds het begin van de chemo niet in één keer de trap op. Ik prijs me gelukkig dat het de laatste chemo was, ik heb nu al het gevoel dat het er één teveel was… Mijn lichaam schreeuwt dat het welletjes geweest is.

Nu zijn we 10 dagen na de chemo en begint het opblazen weer : mijn armen en benen zwellen op en ze spannen pijnlijk als ik ze buig. Zoveel mogelijk armen en benen gestrekt houden dus, lopen als een houten pop. Bye bye enkels van me, tot over een week ofzo. Dan zou het ergste achter de rug moeten zijn. Nog 7 keer slapen!

 

Vanmorgen afspraak bij de radiotherapeute gehad. Ze wil graag zo snel mogelijk starten met de radiotherapie, dus geen tijd voor vakantie tussendoor. Binnen een goede week worden alle voorbereidingen getroffen zoals het uittekenen van de bestralingsvlakken. Enkele dagen later starten de bestralingen. Elke dag, 5 weken lang, dat zijn 25 sessies in totaal.

Radiotherapie is de lokale bijbehandeling van borstkanker. De zone van de mastectomie wordt heel gericht bestraald om mogelijk achtergebleven kankercellen te vernietigen.

Naar verluid zou het lichaam veel energie verbruiken tijdens de bestralingen, wat vermoeidheid meebrengt. Ik ben er niet bang van. Het kan alleen maar meevallen na de chemotherapie. Elke dag om 11u moet ik in het ziekenhuis zijn, vijf weken lang, en als ik kan ga ik met de fiets. Zo kan ik al aan mijn revalidatie beginnen werken.

 

Eén ding is zeker : over twee weken al kom ik er terug ‘stralend’ voor.

23:19 Gepost door Cancer Chick | Permalink | Commentaren (1) | Tags: radiotherapie, chemotherapie |  Facebook |